Pianiste Anastasia Rizikov (geboren op 8 december 1998 ; Canadese, met Oekraïense familiewortels) speelt Scriabin in een recente YouTube-video.
Al een jaar of vijf ben ik gecharmeerd van het spel van de nu 16-jarige Anastasia Rizikov. Voor mij valt zij telkens op in positieve zin, niet omdat zij – zoals ook veel andere jonkies – foutloos nootjes kan spelen, maar omdat haar vertolkingen (imho) body en karakter vertonen, waardoor je de oren gaat spitsen. Anastasia Rizikov timmert goed aan de weg en haar prestaties totnutoe zijn niet onopgemerkt gebleven. Zij geeft in de Verenigde Staten en in Canada naast recitals ook veel concerten met symfonieorkesten en in de afgelopen jaren won zij in Canada, in de Verenigde Staten en in Europa al diverse internationale pianoconcoursen, zoals is te lezen in de biografie op haar website.
hierboven iets wat ik in 2010 schreef op Facebook over Anastasia Rizikov
In this documentary – produced and directed by me – I explore the dimensions of a cultural musicology, through covering debates of musicologists on a wide range of topics at a symposium (Göttingen, September 2012), a workshop (Amsterdam, November 2012) and a panel session (Leiden, March 2013) and through interviews with five renowned musicologists (Birgit Abels, Tomie Hahn, Lawrence Kramer, Wim van der Meer, John Richardson).
The film has the following outline/chapters: Introduction | Musicology and its subdivisions | What’s in a name? (or, what’s wrong with ‘ethnomusicology’?) | Music as cultural practice | Sensational knowledge | Music(ology) in post colonial discourse and cultural theory | The transformation of the idea of culture in (new) musicology | Framing | World Order | Planetary | Power, Institutions, Orthodoxies | Musicologica | Sharing knowledge… how and with whom? | Music and its representations | Shruti | Embracing restlessness | Final notes | End credits (+ some funny stuff) ||
Filmed in 2012 and 2013 in Göttingen, Amsterdam and Leiden.
Duration: 80’27”
From: ‘Fünf lieder auf Gedichte von Richard Dehmel’, Song Cycle by Alexander Zemlinsky (1871 – 1942)
Kurt Widmer – bariton ; Jean-Jacques Dünki – piano
‘Harmony of the Spheres’ van de Nederlandse componist Joep Franssens is een op teksten van Spinoza getoonzet vijfdelig werk voor gemengd koor en (alleen in het middelste derde deel) kamerorkest. Meer informatie over dit werk vind je o.a. hier. Wat Franssens er zelf over heeft gezegd vind je hier en voor een diepgaande, muziekwetenschappelijke analyse klik je hier.
Een prachtige kerngedachte van Spinoza, die Franssens nadrukkelijk gebruikt in begin- en slotdeel van z’n ‘Harmony of the Spheres’, licht ik er nog even uit: “Animi tamen non armis, sed amore et generositate vincuntur.” (“Niet door wapens, maar door liefde en edelmoedigheid worden harten gewonnen.”)
Bovenstaande video toont een ragaworkshop in New York, verzorgd door topvioliste Kala Ramnath. Westers klassiek geschoolde muzikanten brengt zij wat beginselen bij van de alap, de openingssectie van een ragaperformance. De workshopdeelnemers dienen door haar gespeelde frasen op het gehoor na te spelen. Wat de muzikanten te doen staat is duidelijk: goed luisteren en dan op je instrument imiteren wat je hebt gehoord.
Niet wat we horen, maar vooral wat we zien vind ik opmerkelijk. De muziekstandaard, het attribuut voor de neus van de deelnemers, wordt nadrukkelijk in het proces van luisteren en spelen betrokken. Stilzwijgend dirigeert de lessenaar het klasje telkens naar het papier, naar lege notenbalken die uitnodigen tot noteren-vastleggen-lezen wat men hoort. Voor de workshopdeelnemers is de muziekstandaard een zwijgzame bondgenoot die een interventie mogelijk maakt tussen wat ze te horen krijgen en wat ze vervolgens gaan spelen.
De muzikanten pogen steeds te noteren wat ze horen, zoals zij dat blijkbaar gewend zijn in een muzikaal leerproces. Deze schriftgerichte benadering ‘wringt’ met de voornamelijk op orale overdracht gerichte methodiek binnen Kala Ramnath’s Indiase ragatraditie.
Dit ragaklasje vertoont een zekere fixatie op notatie en klampt zich zo vast aan vertrouwde mores en (Westerse) methodieken. Is dat verkeerd of een probleem? Nee hoor, helemaal niet, maar – zoals gezegd – er wringt wel iets: een zo sterke drang tot noteren en lezen valt niet alleen op, maar doet in een ragasetting nogal wezensvreemd aan. Tegelijkertijd levert het natuurlijk ook wel weer een boeiend kijkspel op.
I came across an interesting article by Subha J. Rao in The Hindu about one of the first and most popular recorded female carnatic singers: Coimbatore Thayi (1872-1917). In the article, author-biographer Vikram Sampath tells about his work on reviving Coimbatore Thayi’s legacy as part of a book on female singers.
The British Gramophone Company set foot in South India in 1904 and started recording many artists, among them Coimbatore Thayi, who was one of the most popular singers in Madras. Thayi became a bestselling artist, but she died young – in her mid-forties – in 1917. On approximately 300 discs, “she recorded” – writes Rao – “a rich repertoire of songs, including the compositions of Tyagaraja, Shyama Sastri and Dikshithar, padams, javalis, the Thirupugazh… Sadly, most of them are lost to time. However, some of them can be heard on YouTube and Vikram’s Archive of Indian Music.”
The article in The Hindu takes an interesting turn when the story of Thayi moves to Europe: “She was popular abroad too. In 1911, a French musician Maurice Delage heard her soft, bhakti-filled voice in Paris and was smitten. He wrote to his teacher, Maurice Ravel, about her microtonal effects and variations (gamakas) and voice. “It sent chills up and down my spine”, he wrote. He met Thayi in Madras and even composed two sets of Western music pieces— Quatre Poèmes Hindous, one each dedicated to the cities of Madras, Banaras, Lahore and Jaipur; and a Ragamalika said to be inspired by Thayi’s rendering of an arutpa.”
Martha Angelici sings Maurice Delage’s Quatre Poèmes Hindous
Janet Baker sings Maurice Delage’s Quatre Poèmes Hindous
Today there are some recordings and photos left of Coimbatore Thayi, though very little is known of what her life was like and how she spend her childhood.
Biographer Vikram Sampath summarizes: “Thanks to some existing recordings, we know that she sang her heart out into the horn. And that she had a voice which touched a chord even in faraway Paris.”
World famous French organist Marie-Claire Alain died on February 26, 2013, at the age of 86. Long ago I’ve heard her live several times and in particular immensely enjoyed her Bach-playing. Here the brilliant organist from Paris plays one of (imo) Bach’s most beautiful organ pieces.
Op zaterdag 16 februari 2013 overleed op 94-jarige leeftijd een van de beroemdste koordirigenten van de afgelopen decennia, meest vermaard om zijn dirigentschap van het Zweeds Radiokoor in de periode 1951-1981. In de clip hieronder is hij, op gevorderde leeftijd, prachtig op dreef met The Real Group, een ander Zweeds topkoor uit Stockholm. Gezongen worden En vänlig grönskas rika dräkt en Och Jungfrun hon går i dansen. Beide opnamen zijn ook te vinden op het Real Group album Stämning uit 2003.
De jonge Bulgaarse pianist Evgeni Bozhanov (geb. 1984) speelt prachtig. Velen, waaronder ikzelf, leerden hem kennen dankzij z’n wondermooie spel tijdens prestigieuze pianoconcoursen. In 2010 toonde hij z’n topkwaliteiten met het behalen van de tweede prijs op de Koningin Elisabeth Wedstrijd en op het Chopin Concours in Warschau werd hij zeer verdienstelijk vierde. Z’n interpretaties zijn heel bijzonder en tonen z’n grote muzikale persoonlijkheid.
Evgeny Bozhanov speelt Sonetto del Petrarca van Franz Liszt
Venezuelan pianist Gabriela Montero is known for her musical multitalent. She’s an internationally renowned classical pianist and equally famous as a brilliant improviser on the keyboard. Add to that her talent as a composer. Proof of this is A Piece for Ruth, her first composition for piano and violin. The title of the composition refers to Ruth Palmer, one of Britain’s finest young violinists, who was hit six years ago in London’s Fleet Street by a motorbike driven by… the younger brother of Gabriela’s boyfriend. This accident – you can read more about it here – inspired the writing of the music for Ruth, who’s now a good friend of Gabriela. On Friday December 7th 2012 A Piece for Ruth premiered in the Caspary Auditorium of New York’s Rockefeller University – see the video below – with Gabriela Montero on piano and Ruth Palmer on violin. Wonderful music and performance. Lovin’ it! 🙂